Over niet al te lange tijd gaan bij ons in het Westen de scholen weer open. De juffen en de meesters hebben de geest leeggetankt in Toscane, Dwingeloo en/of thuis en mogen er weer een schooljaar tegen aan gaan. Onder de luifel de tijd genomen om een boek te lezen dat ik iedere onderwijsvolger, beleidsmaker, uitvoerder en bedenker kan aanraden: Onderwijsinnovatie: Geen verzegelde lippen meer. Niets nieuws en daarom des te onthullend:
Men (lees; de overheid) wil verschillende belangrijke doelstellingen tegelijkertijd en in samenhang met elkaar gerealiseerd zien.
De doelen worden centraal door deskundigen geformuleerd, ook al is er geen eenduidige interpretatie.
Innovatie valt en staat met zinsbeleving van de vakman, vakvrouw.
De illusie van de beheersbaarheid. Ongewilde afhankelijkheid.
Zij moeten willen staan voor iets wat ze zijn, diep in henzelf. Ze hebben behoefte aan een taal en een omgeving die rijker, origineler en uitdagender is dan die van de formele eisen.
Mobiliseer je denkkracht of leg je van buiten op?
En dan kom je dromend van een onderwijswalhalla thuis en lees je dit.
Toezichtkader VVE 2010.
Na de pilot ‘Toezicht op VVE in de vier grote steden’ in de periode 2006–2009 wordt het toezicht op VVE een structurele taak voor de onderwijsinspectie als uitvloeisel van de Wet Ontwikkelingskansen door Kwaliteit en Educatie (OKE).
Een wrange speling van het lot dat deze gruwelijke zomerkronkels afgekort OKE heten. Werk aan de winkel!