Vandaag in de papieren Volkskrant een mooi verhaal over een andere bestuursvorm voor de zorg, volgens mij kun je het 1 op 1 ook lezen als idee om als ouders en kinderen weer grip te krijgen op de sovchozen die we doorgaans scholen noemen.
Een stukje uit het artikel onder het kopje ‘Desastreus’: De stichting is de meest gesloten bestuursvorm denkbaar’, vindt een directeur van een gehandicapteninstelling. De directie legt verantwoording af aan de raad van toezicht, klanten hebben geen zeggenschap. ‘Natuurlijk zijn er cliëntenraden. Maar je hebt pas echt een probleem als het wrikt met de raad van toezicht’, zegt de bestuurder. Bij Philadelphia kozen de bestuurders een koers die desastreus uitpakte, terwijl de cliënten en hun ouders het nakijken hadden.
Lees het artikel verder op Volkskrant.nl van 3 mei 2010.
Beste Jaap.
Met wat knippen en plakken kom ik een eind, op weg naar ander onderwijsbestuur
De ideale bestuursvorm?
De coöperatie kan het alternatief worden voor stichtingen als ‘eigenaar’ van scholen.
Het zou zo maar eens kunnen, want:
Ouders krijgen meer zeggenschap.
Een coöperatie kent geen winstdoelstelling.
Bij een coöperatie hebben de leden de zeggenschap.
Aan de ledenraad zijn de raad van toezicht en raad van bestuur verantwoording schuldig.
Ouders en personeelsleden van scholen hebben ook moeite met de groeiende kaste van bestuurders. Die hebben van besturen hun beroep gemaakt, maar hebben geen band met de instelling. Door de toenemende professionalisering en overheidsfinanciering werd de school, het onderwijs een zelfsturend organisme in handen van bestuurders.
Ouders willen ook meer zeggenschap over het onderwijs dat aan hun kind gegeven wordt. Coöperaties zijn in veel varianten denkbaar. Zo kunnen leden grote financiële belangen hebben bij de coöperatie of juist niet. Ik vind dat het financiële belang van ouders bij een onderwijsinstelling niet groot mag zijn.
Voor elke onderwijsinstelling is de coöperatie een goed alternatief.. De kinderen( klanten) en hun ouders(leden van de cooperatie) komen minimaal acht jaren in dezelfde onderwijsinstelling.
Wie begint er mee?