Het probleem is dat er in Washington nog geen regels zijn voor het uitgraven van auto’s uit de sneeuw en Amerikanen hebben etiquette nodig om te kunnen overleven. Kranten hebben in de States talloze probleemrubrieken, waarin mensen nooit om individuele oplossingen voor hun sores vragen: ze willen weten hoe je een kwestie volgens de regels behoort op te lossen.
Een briljant verhaal van Margriet Oostveen onder de titel ‘Snoverkill’ op bladzij 11 van het NRC Weekblad van deze week (13-19 februari). Maar helaas staat dit artikel achter de decorder van het NRC. Gewoon een linkje maken kan niet. Als abonnee heb ik toegang, maar publiceren met bronvermelding vindt het NRC toch ook niet goed. Ik dacht slim te zijn door haar alinea’s te combineren met mijn aanvullingen/commentaar, maar dat vond geen genade in de ogen van het NRC: ”creatieve plagiaat.” Het lijkt me geen juridische term: maar het werd me ten strengste verboden. Ik heb het weggehaald na 1 dag.
Hans Veen heeft dus gelijk in zijn reactie: ook regels rukken hier op en verbieden het creatieve proces. Die erkenning is er dan nog wel: Jaap, je was creatief. Maar desondanks verboden en we (NRC) gedogen het niet. Inmiddels heb ik excuses gemaakt aan Margriet en heb haar beloofd dat ik haar artikelen in het vervolg voor mijzelf zal houden en u er niet op zal wijzen. U merkt het kost mij vreselijk veel moeite de juiste woordkeus te maken in deze.
Maar goed waar gaat het artikel over? Amerikanen wijzen liever op regeltjes dan dat ze met elkaar het gesprek aangaan om een voorliggende ‘case’ op te lossen. Zodat ze kunnen zeggen: ”It’s the rule”. Nederlanders zo beweert Margriet, gaan eerder gedogen en zullen regels al snel benauwend vinden (mijn aanvulling ”en zich daar dus ook niet op beroepen”).
Het bracht mij tot de one-liner voor Twitter #”Angelsaksen denken in regels, Rijnlanders in oplossingen”. Ik ben Margriet dus ernstig schatplichtig en haal met liefde haar fantastische verhaal hier weer weg. ”It’s the rule” en dank je wel dat je me hebt gewaarschuwd hoe de regels in Nederland zijn. Ik zou niet graag tegen die regels in hebben gehandeld.

Toch een land met vele tegenstrijdigheden. Enerzijds een soort apatische regelneukerij die bij een willekeurige reiziger bij aankomst al associaties oproept met het Voormalige Oostblok. Anderzijds een land dat kan uitblinken in brillante individuele creativiteit en ant-autoritair anarchisme. De reactie op het vreemde en ontregelende fenomeen ’sneeuw’ is volgens mij niet Amerikaans. De hysterie die wij in ons meteorologisch dynamisch land zien over 0,5 cm sneeuw, een stormpje of extreem kage gevoelstemperaturen (Pas op! Caranval!) is meer exemplarisch voor de van de natuur vervreemde moderne stadsmens. Plattelandsmensen – ik ben getrouwd met een boerendochter – kijken anders naar het weer. Weer komt zoals het komt. Soms heb je pech en dan moet je maar wat redderen. Vloedplanken in de deuropening zetten, koeien binnenhalen en de kachel nog even opporren. Zoiets. Als zeezeiler zie ik hetzelfde verschijnsel. Naarmate men beter en over een langere termijn geinformeerd kan worden over meteo via geavanceerde digitale hulpmiddelen, hoe langer men in de haven blijft treuzelen met vertrekken. Hetzelfde met de buienradar.nl. Altijd zie je weer nare donkere vlekkken vanuit het zuidwesten naar je toe drijven op je PC. Weer wordt de fietstocht uitgesteld. Als je dat niet weet, neem je een regenpak mee en heb je soms een bak water op je kop en wordt je een beetje nat. So what!
Het soort regelneverij en de behoefte daaraan, zien we in ons land toch ook opdoemen. Onze premier sprak toch ook vermanende woorden over stoepje vegen. Ik weet niet of die behoefte typsich Amerikaans is. Ik geloof niet dat onze jongens niet apatisch naast de tank waren blijven staan. In militaire dienst was iedere calamiteit toch ook een heerlijke smoes om even bij de pakken neer te zitten en een sjekkie te rollen?
Het boek D-day van Anthony Beevor geeft van Amerikaanse soldaten juist het beeld van lieden die bij totaal uiteenvallen van de organisatie bij de luchtlandingen en de stagnatie op de stranden, toch op eigen houtje succesvol gingen improviseren. Het boek Mississippi van Mark Twain vind ik zelf ook een mooie metafoor voor dynamiek van een steeds veranderend land in ontwikkeling in de vorm van een alsmaar zich verplaatsende rivier. Vandaag een havenstad, morgen niet meer, zo snel ging dat. Zandbanken verplaatsten zich snel. Loods op een rivierboot was een magisch beroep. Tot de railway kwam. En de mensen pasten zich voortdurend aan en buiten de nieuwe kansen uit. Ik vind dat meer illustratief voor de amerikaanse mentaliteit dan het grootstedelijke geneuzel om de laatste vierkante milimeter. Maak kennis met Amsterdammers. Eerste punt van gesprek: de parkeervergunning.
Mooie en intrigerend voorbeeld van star denken is de auto-industrie in Amerika. Behoeft geen toelichting. Failliet en inferieur. Alhoewel, het had wel wat, zo’n Pontiac Firebird in de jaren ‘70. Mijn vrienden hadden zo’n alternatief koekblik, de R4 of een Eend. Wonderlijk is die amerikaanse makelij wel. Als je goed kijkt naar en in een motorblok van een Harley, zie je
onderdelen die in een halve eeuw nauwelijk of zelfs niet veranderd zijn. Geen reden voor. Technolgie om nieuwe blokken te ontwerpen die aan de nieuwe mileueisen voldoen, moest de company stiekum halen bij Porsche in Duitsland. Wat is dat? Star? Behoudend? Lekker traditioneel, vintage? Dom? Toch echt Rijnlands, een BMW met een groen label, omdat een club werkenemers alle kleine brandstofbesparende nieuweheden in één geheel hebben toegepast. Rijnlands Slim.
Geen zorgen Harold, ik heb haar gemaild in Washington en haar bedankt voor het mooie verhaal. Ze vond het heel leuk dat te horen.
Nog een mooi voorbeeld van starre regels (en hoe ik ze ‘brak’ de leidinggevende verward achterlatend)-Tijdens mijn laatste dienstverband belde een grote klant vanwege een actie en inkoopprijzen. De klant voerde de druk op, leidinggevende onbereikbaar. Hoe kon ik het oplossen zonder de relatie met de klant in gevaar te brengen? Ik gaf hem uiteindelijk vanwege concurentie en potentie de korting en brak daarmee een belangrijke regel: overleg met de leidinggevende. Deze heeft mijn beslissing als gezichtsverlies ervaren. Het gebeuren legde zelfs de basis voor een conflict. Ik bedacht een oplossing buiten de regels om en dat kon niet. Mooi om in dit stuk te lezen hoe ver maatschappelijke gevolgen kunnen strekken zowel in het Angelsaksische als het Rijnlandse denken.
Waarin een groot land klein kan zijn.
Ik heb zelf ook zo’n voorbeeld. Ik heb ooit de instroom van het amerikaans militair materiaal naar het depot in Ter Apel mogen begeleiden als politiecommandant. Er waren openbare orde problemen te verwachten dus moest de politie Groningen een ‘oogje’ in het zeil houden. (Met ongeveer 100 man ME een maatschappelijk spelletje spelen met een klein groepje gedreven jongelui, die de amerikaanse voet op nederlandse bodem niet zagen zitten).
Ik reed af en toe zelf wat rond om de lange colonnes voetuigen en tanks te bekijken. Een spectaculair gezicht. Op een weg ontdekte ik een amerikaanse tank. Hij had duidelijk panne en een 2tal militairen stonden er verveeld naast. Ik vroeg hen hoe lang ze daar al stonden. Al anderhalf uur en ze hadden geen verbinding. Ze hadden ook nog niets gehoord over hulp in aantocht. Ze hielden zich strikt aan de regels. De ‘regel’ is dat men naast de tank blijft staan en wacht tot er iemand komt opdagen. Geen initiatief maar gewoon wachten en vooral niet de tank verlaten. Op ongeveer 30 meter stond een boerderij en een boer aanschouwde rustig leunend op een hek het geheel. Hij begreep niet waarom deze jongens zo lang moesten wachten. Hij had hen aangeroepen, maar ze haden niet gereageerd. Natuurlijk zorgde ik voor contact met de amerikaanse militaire wegenwacht.
Verbaasd over dit alles vroeg mij af hoe ‘eigenwijze’ nederlandse militairen hadden geacteerd. Zij hadden ongetwijfeld het initiatief genomen om de 30 meter naar de boerderij en de boer te overbruggen om gebruik van de telefoon te vragen. Zijn commandant zou dat ongetwijfeld gewaarderd hebben…….
Haal ik ook niet uit jouw recente boek het voorbeeld dat de NS claimde dat er verkeerde sneeuw gevallen was waardoor de treinen……enfin je kent de passage als geen ander. Toch doet het me even denken aan 1978 toen koning winter ook in Rijnland de boel deed dichtsneeuwen en sommige delen van het land behoorlijk isoleerde (letterlijk en figuurlijk). Maar wat deden wij Rijnlanders toen?…..ik was vooral bezig plezier aan het goedje te beleven, elk nadeel heb z’n voordeel!
Volgens mij had de auteur niet half in de gaten hoe briljant haar bijdrage was. Heb er ook van gesmuld.